سورة المدثر

Salomo Keyzer - Flemish (Dutch) translation

Vertaling van Soera المدّثر in het فلمكني (هولندية) uit Salomo Keyzer - Flemish (Dutch) translation

Salomo Keyzer - Flemish (Dutch) translation

Verse 1


O gij die met een mantel bedekt zijt!
Verse 6

Geef niet in de hoop, daarvoor meer terug te ontvangen.
Verse 13

En kinderen die in zijne tegenwoordigheid wonen;
Verse 14

Voor wien ik de zaken gemakkelijk en gebaand heb gemaakt,
Verse 15

En die begeert, dat ik hem nog andere zegeningen zal zenden.
Verse 17

Ik zal hem met ernstige rampen bedroeven;
Verse 18

Want hij heeft honende uitdrukkingen uitgedacht en gereed gemaakt, om den Koran belachelijk te maken.
Verse 19

Gevloekt zij hij. Hoe kwaadwillig heeft hij die gereed gemaakt!
Verse 20

En hij moge nog eens gevloekt zijn. Hoe kwaadwillig heeft hij die gereed gemaakt!
Verse 21

Hij heeft zijne blikken om zich heen geworpen.
Verse 22

Daarop heeft hij zijn voorhoofd gefronsd en een ernstig gelaat aangenomen.
Verse 23

Vervolgens keerde hij zich van de waarheid en hij was opgeblazen van trotschheid.
Verse 26

Ik zal hem in de hel nederwerpen, om verbrand te worden.
Verse 28

Zij laat geen ding onverteerd, noch laat eenige zaak ontsnappen.
Verse 29

Zij verbrandt des menschen vleesch.

Wij hebben niemand buiten de engelen aangewezen, om het toezicht over het hellevuur te houden, en wij hebben hun getal slechts uitgedrukt als eene aanleiding tot tweedracht onder de ongeloovigen; opdat zij, aan wie de schriften werden gegeven, zeker mogen zijn van de waarachtigheid van dit boek, en dat de ware geloovigen in geloof mogen vermeerderen. En dat zij, aan wie de schriften werden gegeven en de ware geloovigen, daaraan niet twijfelen; En dat zij, in wier harten een gebrek schuilt, alsmede de ongeloovigen, mogen zeggen: Welke verborgenheid bedoelt God met dit getal? Zoo doet God dwalen naar zijn welbehagen, en hij richt naar zijn welbehagen. Niemand kent de legers van uwen Heer, buiten hem. Dit is slechts eene waarschuwing voor den mensch.
Verse 35

(Zweer ik) dat dit eene der vreeselijkste rampen is.
Verse 36

Strekkende tot waarschuwing voor den mensch;

Iedere ziel wordt in pand gegeven, voor hetgeen zij zal hebben verricht;
Verse 40

Die in tuinen zullen wonen, en vragen tot elkander zullen
Verse 41

Richten nopens de zondaars, (en de snoodaards zelven zullen ondervragen, zeggende:)

Zij zullen antwoorden: Wij behooren niet tot hen die standvastig in het gebed waren.
Verse 45

Wij baadden ons in lichtvaardige gesprekken met degenen, die zich daartoe leenden.
Verse 48

De tusschentreding der tusschenpersonen zal hen niet helpen.

Wat scheelde hun dus, dat zij zich van de vermaning des Korans afwendden.
Verse 54

Volstrekt niet. Waarlijk, dit is eene toereikende waarschuwing;
Verse 55

En wie geneigd is, gewaarschuwd te worden, dien zal hij (de Koran) waarschuwen.
تقدم القراءة